9 boeken om te lezen als het te warm is om iets anders te doen (en anders ook)

Het was ontiegelijk heet, er vloeide massa’s zweet en het gras was nergens groen, ook niet aan de overkant. Deze zomer zijn hittegolven een ding. Op zulke broeierige dagen kan je niet veel anders dan de koelte opzoeken, met vijf lagen zonnecrème neerploffen en zo min mogelijk bewegen. Om je niet steendood te vervelen, neem je er een goed boek bij. Een van deze!

zomerboeken 2019

In de tuin met ‘Kattentijd’ (Houtekiet)

In eigen tuin – met als nieuwe beste vrienden de tuinslang en het opblaasbaar zwembadje – kwam de kat even kijken what all the fuss was about tijdens het lezen van Kattentijd. Bijna 400 pagina’s pende Ellen Verstrepen bij elkaar over Severine en Willem, een koppel met een ogenschijnlijk perfect uitgestippeld leven, en de angstige stadsmus Fauve, die verliefd wordt op hem: je raadt het al, de nagels schieten algauw uit de klauwen. Een tragikomische vertelling over de valkuilen van het leven en de leugens die we onszelf graag wijsmaken.

Kattentijd kat

fullsizeoutput_23f7

Aan een natuurpoel met ‘Vissen praten niet’ (Uitgeverij Vrijdag)

Natuurreservaat De Wolvenberg in Berchem moet het vaak afleggen tegen bekendere groene oases als het Rivierenhof en het Nachtegalenpark, maar: wat een weelde. In de dichte bebossing rondom de natuurpoel zette ik me neer op de stenen, samen met de tweede misdaadroman van Tine Bergen, waarin kleuterjuf Flo DuMoulin denkt dat Arthur – die alleen tegen de goudvis in de klas wil praten – mishandeld wordt door zijn vader, waarop bovendien een moord wordt gepleegd waarvan zij beschuldigd wordt. Een spannende psychologische thriller daar aan het water, waar de eenden – die eveneens hun gekwek gezwegen lieten – me gezelschap hielden.

Vissen praten niet

Ondergronds met ‘Zo donker buiten’ (Borgerhoff & Lamberigts)

Aan het einde van de voetgangerstunnel – zoveel meters onder de grond raakt de zon niet – schijnt het licht van Linkeroever. Met dit moederboek van Marnix Peeters trok ik naar de overkant, waar rust en ruimte is. Raakte ik oververhit, dook ik weer die frisse tunnel in. Die had ik nodig, want dit boek over het afscheid van zijn moeder die aan Alzheimer leed, treft diep. Peeters reconstrueert haar leven en graaft voorbij het verdriet: hoe ze ging ronddolen in de stille nevel die haar omgaf, hoe ze was voor haar ziekte. Zijn vrouw, die al mocht opdraven in Zei mijn vrouw, toont hier ook weer haar gelaat. Eerlijk, onverbloemd, met gevoel: in deze toon lees ik hem het liefst.

Zo donker buiten

In het Begijnhof met ‘Of iedereen gaat dood’ (Angèle)

Een goed bewaard geheim in Antwerpen is het Begijnhof, waar de oude begijnenhuisjes de serene tuin vol fruitbomen en seringen ommuren. Ik stuurde Siel Verhanneman op date met Maria, en ook zij zag dat het goed was. En goed, dat was het zeker, Verhannemans romandebuut na de poëziebundels. Dat ze mooi kon schrijven, wist ik al. Dat ze een spanningsboog kan opbouwen, weet ik nu ook. Fragiel, essentieel, triest, grappig en met geen woord te veel: deze roman over Lander en Saskia, maar evengoed over kwetsbaarheid, verlies en liefde. Eentje om te koesteren, want ieder mens zal dit boek ooit in zijn leven kunnen gebruiken.

of iedereen gaat dood

begijnhof

In het park met ‘Dwaal zacht’ (Lannoo)

Begeef je naar een park. Zet je onder een boom. Steel enkele literaire uren. Ik liep langs de beelden in het Middelheimmuseum met Dwaal zacht, Lore Mutsaers’ eerste. Geneeskundestudent Lucas moet er op zoek naar zijn eigen genezing wanneer zijn zus Claire op de vlucht slaat. Dat terwijl de 55-jarige fotograaf Maurice niet lang meer te leven heeft en zich afvraagt welk laatste beeld hij nog moet vastleggen. Een verhaal over leven en dood, verbondenheid, waanzin en omgaan met snijdend verdriet. Voor wie durft te dwalen.

Dwaal zacht

Binnen met alle gordijnen toe met ‘Een berg mens onder witte lakens’ (Uitgeverij Vrijdag)

Soms had ik er gewoon genoeg van. Geen zon. Geen zwoelte. Ramen en gordijnen toe. Airco, graag. Een berg mens onder witte lakens, graag. In deze onvervalste Vlaminck – ernst omkaderd met humor in een volkse, Vlaamse taal – belandt een schrijver in het ziekenhuis waar hij noodgedwongen een kamer deelt met een mistroostig man die nooit zwijgt en hem zijn levensverhaal vol kwetsuren opsolfert. Een roman over ogenschijnlijke toogpraat, betrokkenheid en de wortels van botheid en verbitterdheid. Erik Vlaminck had al lang niets meer te bewijzen, maar kijk, nu doet ie het toch.

Een berg mens onder witte lakens

In een barokke kerk met ‘Dennie is een star’ (Das Mag)

Heel barok en zedig is het niet geschreven, maar ik nam Dennie toch mee naar de kerk, dé godvergeten plek voor koelte en stilte. Op het Hendrik Conscienceplein bovendien, waar ‘de man die zijn volk leerde lezen’ goedkeurend over je schouder meeleest. ‘Nooit schrijven over je kat’, zei docent Wim Brands Maartje Wortel ooit en die raad slaat ze bij deze feestelijk in de wind. Want Dennie is – juist ja – een vaalrode kat. Nog wel eentje waarrond een complete religie wordt geconstrueerd in dit filosofische, spitse verhaal over tijd en ruimte, geloof en de zoektocht naar zingeving. En oh ja, katten, dat ook.

hendrik conscience

dennie is een star

In de bibliotheek met ‘Was ik nu 20, 30 of 40?’ (Borgerhoff & Lamberigts)

De bibliotheek is niet alleen handig voor wie zich zonder boek bevindt (sommige mensen kunnen dat), maar houdt vaak ook de warmte buiten. Ik zit in het midden. Van Valerie Eyckmans’ spectrum is dat. Tram drie: de twintig voorbij, de veertig veilig en ver weg. Met deze ongegeneerde autobiografie krijg ik een hilarische preview, waarin ze het aan de stok krijgt met Vadertje Tijd en uitzoekt wat het betekent om veertig te worden, als voormalig twintiger denkend dat ze het nu wel begrepen zou hebben. Dat leven. Die liefde. Het moederschap. Maar hoe hoger de leeftijd, hoe meer vragen, zo blijkt. Haar humor is er alvast niét op achteruit gegaan. En haar pen is snediger dan ooit. Goede vooruitzichten, denk ik dan.

Was ik nu 20, 30 of 40?

De nacht in met ‘Nachtouders’ (Das Mag)

‘Dit is mijn verhaal, maar het is, denk ik, ook het verhaal van iedere ouder die wel eens gewankeld heeft.’ Saskia De Coster bracht in Nachtouders verslag uit van haar zoektocht naar zichzelf als moeder en de combinatie met haar schrijverschap, van als niet-biologische ouder een kind opvoeden en afscheid nemen van je vroegere zelf. In het verhaal gaan Saskia en Juli met hun 1-jarig zoontje naar een Canadees hippie-eiland, waar Karl – de biologische vader – opgroeide en een onuitgesproken geheim herbergt. Haar échtste boek tot nog toe, met veel vaart en meer dan ooit menselijke personages. Wanneer beter te lezen dan in de afkoelende nacht, met of zonder kind.

Nachtouders

Geplaatst door

Schrijver en smaakmaker. Leest, schrijft, eet en doet in verhalen. Houdt van taart en mooie taal bij een tas koffie. Freelancet als copywriter en (eind)redacteur. Schrijft over leeslust, schrijfdrang en eten uit eigen tuin.